“Wat ben je toch een rocker”, grinnikt Mikael Åkerfeldt, terwijl de gitaar van zijn collega er na nog geen minuut in klassieker Demon of the Fall simpelweg mee uitscheidt. Het blijkt de onweerstaanbare charme van Opeth in 2026. Zelfs als de perfect geoliede Zweedse machine even hapert, levert het gouden momenten op.
Opeth staat woensdag alweer voor de zevende keer in de TivoliVredenburg. Een tot de nok toe uitverkocht huis. Alweer.
En dat terwijl het hun derde passage in ons land binnen een jaar tijd is, na een uitpuilende AFAS Live en een vlammende headlinerspot op Dynamo Metal Fest in Eindhoven. Maar de mannen vertonen na 35 jaar in het vak geen enkel spoor van metaalmoeheid.
Akoestisch wonder
Omdat deze tour eigenlijk langs historische Europese amfitheaters trekt, fungeert het akoestische wonder van Utrecht vanavond als ons eigen overdekte Colosseum. Het groteske spookhuisdecor van eerdere shows is thuisgelaten vanwege de intimiteit van de zaal, maar wanneer opener §1 de zaal in rolt, lichten de meegebrachte kandelaars en antieke schilderijen op de hoekige schermen sfeervol op.
Meteen wordt duidelijk dat hun in 2024 verschenen, donkere conceptplaat The Last Will And Testament live moeiteloos overeind blijft tussen de klassiekers. De band stijgt muzikaal boven zichzelf uit. Neem ook Hjärtat vet vad handen gör, van het voorlaatste album. De loodzware riffs storten meedogenloos over ons heen, waarna Åkerfeldt tijdens het akoestische staartstuk bewijst dat hij ook loepzuiver in het Zweeds kan zingen.
Back in Town!
“We zijn back in town, hè,” mompelt de frontman even later droogjes in de microfoon. “Twee dagen in Amsterdam gezeten. Je ziet daar gekke dingen, maar Utrecht voelt écht een stuk beter.”
Hij biecht grijnzend op dat ze hier vooral ‘voor het geld’ zijn en omdat ze gewoon ‘voor de lol’ wat speciale shows wilden toevoegen nu de albumtour er bijna op zit. “We spelen metal gemixt met prog en pop. Laten we jullie maar uit de comfortzone halen door keihard te schreeuwen.”
En of we eruit gerukt worden. Het snoeiharde Godhead’s Lament is na tien jaar afwezigheid een waanzinnig welkome afwisseling op de setlist. Zelfs The Devil’s Orchard – afkomstig van Heritage, wellicht hun meest omstreden en zwakste album – werkt in déze setting fantastisch. Het is die naadloze overgang naar melancholie die Opeth zo uniek maakt.
In de bloedmooie ballade Windowpane trekt de toetsenist met zijn warme, dragende spel de hele zaal in een trance. Een prachtig eerbetoon aan 2003, toen de band op Damnation de gedurfde switch naar cleane progrock maakte.
Tekst gaat verder onder deze video van de show:
Dit was het hoogtepunt
Het absolute, onbetwiste hoogtepunt? Dat is The Grand Conjuration. De band speelt dit meesterwerk van Ghost Reveries op de toppen van zijn kunnen. Het klinkt zó immens, zó vol overgave, dat zich in het midden van de statige zaal zowaar een moshpit opent. Puur genieten.
Toch is er ruimte voor een kritische noot. Hoe ijzersterk de show ook is, het blijft jammer dat de band relatief weinig échte verrassingen uit de hoge hoed tovert. All-time favorieten als Blackwater Park, Bleak of Harlequin Forest ontbreken al een tijdje.
Al maakt de frisse, verloren Watershed-parel Hex Omega een hoop goed. Net als het heerlijk absurde moment met de Napalm Death-cover You Suffer. Åkerfeldt vertelt groot fan te zijn, waarna ze de twee seconden durende track drie keer spelen en de zaal de laatste grunt voor zijn rekening moet nemen.
Gitzwarte deathmetal
Na het feilloze The Drapery Falls – waar gitzwarte deathmetal, sferische prog en ambient halverwege prachtig samensmelten – waarschuwt Åkerfeldt de zaal. “We kunnen wel vijf uur spelen, maar dat is saai. Dan sussen we jullie in slaap.”
In plaats daarvan rammen ze de vertrouwde, verpletterende afsluiter Deliverance erdoorheen. Die song mag na al die jaren op de setlist best eens vervangen worden, maar wees eerlijk: die laatste twee minuten vormen nog steeds de beste outro in de geschiedenis van deathmetal.
Beste show in jaren
Na ruim twee uur kunnen we de balans opmaken: Opeth leverde vanavond de beste Nederlandse show in jaren af. Slimmer opgebouwd dan op Dynamo, volkomen foutloos en ongenaakbaar strak. Nu is het hopen dat deze tour afrondt en ze zich snel opsluiten in de studio, want een band in deze bloedvorm is verplicht om snel een nieuw meesterwerk af te leveren.
Foto’s: Seth Pictures (via support act Hällas)





Dank voor deze geweldige recensie. Ik heb alle concerten van opeth in Nederland meegemaakt en ben iedere keer weer onder de indruk van hun optredens en de kwaliteit van het geluid. Maar numoet mij van het hart dat ik het geluid in de grote zaal tegen vond vallen. Aanvankelijk zat ik links vooraan waar ide base drums en de bas veel te luid overkwamen. Van piano/orgel/synth was hoegenaamd niet te horen. Het geluid was wat beter op andere plekken in de zaal waar ik me langs bewoog, maar nog steeds niert geweldig. Iik kan me toch niet aan de indruk onttrekken dat die grote zaal minder geschikt is voor metalbands: teveel echo, teveel reverb en te weinig diepte en nuance in het geluid. Dan lijkt de Ronda-zaal me toch veel meer geschikt.