Metershoge Vikingbeelden, louterende vlammenwerpers, zwaardvechtende acteurs en een indrukwekkende lichtshow: Amon Amarth trekt woensdagavond werkelijk alle registers open in poppodium MainStage in Den Bosch. Drieëndertig jaar na hun oprichting staat de Zweedse melodieuze deathmetalband hier voor een goedgevulde zaal, simpelweg de grootste Nederlandse clubshow uit hun complete carrière.
Het is alweer hun vierde show in ons land in vijf jaar tijd, maar van enige metaalmoeheid is absoluut geen sprake. Het Brabandse publiek staat vanaf de eerste seconde op scherp.
Amon Amarth – door de buitenwacht liefdevol onder het label vikingmetal geschaard vanwege de overvloed aan Noorse mythologie en Noorse heldensagen – heeft met het kersverse The Allfather Awakes hun dertiende studioalbum op zak. Dertien platen, het is een indrukwekkend oeuvre waar menig metalband slechts van kan dromen.
Hoewel de nieuwe plaat eerlijk gezegd niet hun allersterkste werk is en de heren muzikaal gezien wat meer op safe spelen met pasklare live-meezingers, pakt die beproefde formule in Den Bosch genadeloos goed uit.

Vlammen tot aan het plafond
Amon Amarth begrijpt als geen ander hoe je een arena-waardige show opbouwt zonder de spierballenrock-energie te verliezen.
Met de verwoestende opener Gjallarhorn wordt het startsein gegeven, waarna War of the Gods de tent meteen in lichterlaaie zet met vlammen die tot het dak reiken. Je voelt de hitte letterlijk op je gezicht slaan.
“Goedenavond Den Bosch, goedenavond Nederland! Welkom bij Valhalla!”, brult frontman Johan Hegg grijnzend met die monumentale oer-brul van hem.
Noorse Goden en Ragnarok
Hij memoreert gelijk aan Noorse goden en Ragnarok; lichtelijk goedkoop en theatraal, maar het werkt als een trein. Na het furieuze Death in Fire, het beukende Free Will Sacrifice en het heerlijk springbare Deceiver of the Gods volgt de titelsong The Allfather Awakes en het epische, meanderende Hermod’s Ride to Hel – Lokes Treachery, Part 1.
Hét absolute, iconische moment van de avond dient zich aan bij Put Your Back Into the Oar. In een seconde tijd daalt een immense zee aan fans neer op de drassige zaalvloer om massaal, zwetend en synchroon te gaan roeien. Een bizar schouwspel dat je simpelweg een keer met eigen ogen gezien moet hebben. Oudere metalheads slaan het met een brede glimlach gade terwijl ze goudgeel bier drinken uit reusachtige, authentieke drinkhoorns.

‘Holy shit, dat was goed!’
Hegg kijkt met een brede grijns toe: “Holy shit, dat was goed! Jullie zijn écht Vikings, hè? Als we naar Nederland komen, geven jullie ons altijd het gevoel dat we ertoe doen. Laten we feesten!”
De Zweedse stoomwals dondert onvermoeid voort over We Rule the Waves, het sfeervolle One Thousand Burning Arrows en de zware riff-machine Upphaf. Achter de gigantische productie – ingesloten door twee immense pilaren, twee reusachtige slangenhoofden en levende gevechten op het podium – zou je bijna vergeten wat voor verdomme goede muzikanten hier op de planken staan.
Iron Maiden op steroïden
Het oogt bij vlagen als Iron Maiden op metalcore-steroïden. De drie gitaristen soleren erop los, zoeken telkens de interactie op en vinden elkaar moeiteloos in loepzuivere harmonieën, wat geregeld voor kippenvel zorgt.
En Hegg? Die beschikt over een strot als een orkaan en fungeert ruim anderhalf uur als de ultieme meesterverteller van Viking-sprookjes. Je krijgt acuut de neiging om de serie Vikings te bingen of Assassin’s Creed Valhalla aan te zwengelen.
Na de beproefde klassieker Guardians of Asgaard – wat blijft die meeslepende, loodzware riff toch een genot voor het trommelvlies – denderen Shield Wall, Eight Legs of Thunder, het traditionele drinklied Raise Your Horns en For Victory or Death verwoestend over de menigte heen. Op een wat slapper, akoestisch rustpuntje halverwege na, zakt de energy-curve van de show geen enkel moment in.
Epische finale
In de toegift haalt de band nog één keer genadeloos en episch uit. Na het brute The Way of Vikingsvolgt het absolute hoogtepunt van de avond: Saxons and Vikings. Saxon-zanger Biff Byford verschijnt als een heuse god op het levensgrote videoscherm achter het drumstel en het virtuele wisselspel tussen hem en Hegg is immens aanstekelijk. Met het loodzware, iconische Twilight of the Thunder Godwordt vervolgens de definitieve genadeklap uitgedeeld.
Amon Amarth draait al decennia mee aan de top, maar speelt vanavond in Den Bosch op de absolute piek van hun kunnen. Met zo’n monumentale entertainmentwaarde, virtuoos spel en een hongerig publiek stevig in de zak, lonkt die gedroomde headline-positie op de allergrootste Europese metalfestivals nu echt.
Den Bosch heeft een show van koninklijk formaat gezien. En de koningen? Die heersten, en terecht.

