De Grote Kerk in Dordrecht is vrijdagavond het perfecte toneel voor de magische muziek uit The Lord of the Rings. Het zachte gekraak van de houten bankjes verraadt dat de rijen goed gevuld zijn; families en liefhebbers (lees: fantasynerds) zitten dicht opeen, alsof ze samen wachten tot de reis naar Midden-aarde begint.
De gotische ruimte met haar imposante zuilen en kleurrijke glas-in-loodramen verandert vanaf 20.00 een uur lang in The Shire. Dreigend en onheilspellend wordt het nooit, maar La Chapelle Sauvage brengt wel in de beperkte tijd die ze hebben de mooiste en meest lieflijke composities van Howard Shore ten gehore, voor een publiek dat een uur lang ademloos toekijkt.
Zes muzikanten
De zes muzikanten komen onder een subtiel applaus naar het midden van de kerk en openen met Uruk Hai. De cello bromt diep, en de viool roert zich als een verre storm. Geen bombastisch begin, eerder een voorzichtige ontketening: de spanning van Howard Shores muziek kruipt langzaam onder de huid.
In The Prologue, waarmee de eerste film mysterieus begint, wordt dat gevoel van opbouw verder uitgesponnen; de piano legt een breekbaar fundament waarop de viool haar lijnen subtiel schildert. Echt heel mooi gedaan.
In herhaling
Bij Bag End en The Farewell Dear Bilbo Attack ontspant de sfeer in de Grote Kerk. De muziek huppelt en glanst. Hier leeft de Shire, en dat hoor je: luchtig, speels, maar zorgvuldig uitgevoerd. Toch begint na verloop van tijd een zekere eenvormigheid te sluimeren. In Keep it Secret en Saruman the White blijft de dreiging subtiel, misschien wel té subtiel. Het is allemaal erg mooi, maar het vuur blijft onder het oppervlak smeulen in plaats van oplaaien.
Na twee nummers richt de leider van het ensemble zich tot het publiek. “Welkom bij onze trip door Midden-aarde”, zegt hij met een glimlach die net zo warm klinkt als zijn stem. “Voordat we verder gaan wil ik jullie voorstellen aan onze band, onder andere de beste pianist die je je kunt voorstellen. Ik hoop dat jullie de boeken hebben gelezen en de films hebben gezien. Geniet van deze prachtige ruimte.”
In het middendeel duiken ze iets dieper de duisternis in, met “The Nazgûl”, “Weathertop Attack” en “Gollum”. Hier krijgt het spel meer scherpte; de viool jaagt, de contrabas gromt, en de ruimte vult zich met spanning. De akoestiek van de kerk versterkt elk detail, het geluid lijkt soms niet van de instrumenten te komen, maar uit de muren zelf.
Zachte afdaling
De laatste stukken, waaronder “The Mirror of Galadriel”, “The Grace of Undomiel”, “The House of Healing”, “May It Be” en “The Shire”, vormen weer een zachte afdaling. De klanken worden ronder, warmer; je voelt de muziek niet alleen horen, maar bijna ademen. Maar ook hier geldt: het is allemaal wel heel veel van hetzelfde.
Het concert mist soms de dreiging van Mordor en de ruigheid van Isengard, maar de betovering van de Shire krijgt hier alle ruimte. La Chapelle Sauvage speelt met aandacht, met vakmanschap en een hoorbare liefde voor Howard Shores muziek. In de Grote Kerk past dat wonderwel: een korte, zorgvuldige reis door Midden-aarde.
