Het heeft bijna een kwart eeuw geduurd. Bijna vijfentwintig jaar waarin de filmwereld is veranderd, blockbusters kwamen en gingen, maar één monument onwrikbaar bleef staan. Donderdagavond, in een zinderend Ahoy Rotterdam, krijgt The Lord of the Rings de afsluiting die het verdient.
Voor het eerst wordt de integrale finale van de trilogie, The Return of the King, live-to-film opgevoerd op deze schaal. En als de minutenlange staande ovatie na afloop iets bewijst, dan is het dit: we zijn zojuist getuige geweest van het absolute magnum opus van de moderne cinema.
Om te beginnen begrijpt organisator Cinema in Concert hun publiek als geen ander. Ze hebben acteurs ingehuurd die als Eowyn en als de Dark Lord zelf door de gangen paraderen. Fans gaan op de foto met de belichaming van het kwaad, terwijl ze seconden later met vochtige ogen de zaal betreden.
Aragorn jaloers?
Op het podium staat een leger waar Aragorn trots op zou zijn. Ruim tweehonderd musici vormen een indrukwekkend tableau vivant. Het Symfonieorkest Vlaanderen zit schouder aan schouder met een muur van zangers: het Brabant Koor en de jonge talenten van de Kooracademies uit Breda en Tilburg.
In het centrum staat Ludwig Wicki, de onbetwiste generaal van dit muzikale leger. Vanaf de eerste noot is duidelijk dat dit voor hem en zijn troepen een uitputtingsslag wordt. Howard Shore schreef voor deze film een score die bijna geen seconde stilte kent. De 200 muzikanten van het orkest moeten drieënhalf uur lang topsport bedrijven.
Magische scène met King Theoden
Maar eerlijk is eerlijk: de technische uitvoering is vanaf het begin onberispelijk. Vooral de kopersectie van het Symfonieorkest Vlaanderen verdient een speciale vermelding; zij dragen het gewicht van Gondor op hun schouders. Hun spel is niet alleen luid, het is monumentaal.
Halverwege de film volgt de scène waar iedereen op wacht: de Charge of the Rohirrim op de Pelennor Fields. Als de zon opkomt boven het slagveld en de koning zijn mannen toespreekt, zwellen de violen aan in dat iconische, bijna rauwe thema. Deaaaaaaath!
Allemachtig, wat is dit mooi. Als de paarden richting de Orks stuiven ramt de percussiesectie de pauken met een kracht waar ze aan de overkant bij de Toppers niet omheen kunnen.
Dit is geen muziek meer, het is een natuurkracht. De synergie tussen de beelden van de tienduizenden ruiters en de fysieke impact van het orkest zorgt voor een collectieve staat van kippenvel. Je hoort de zaal naar adem snakken. Dit is waarom we naar de film gaan, en dit is waarom we livemuziek nodig hebben.
Hemelsmooie stem
Tussen de titanenstrijd door zijn er ook vele momenten van breekbare perfectie. De soliste, Kaitlyn Lusk, bewijst vanavond waarom ze de favoriet is van Howard Shore. Tijdens de droomscène van Arwen, waarin ze haar zoon ziet, stijgt haar stem boven het orkest uit als een lichtstraal in de duisternis. Een magisch moment.
Haar stem is zo loepzuiver dat het bijna onwerkelijk voelt in zo’n grote zaal. Om ons heen horen wij volop gesnik. De fans, sommigen verkleed als Frodo met een Ring om de nek, proberen hun emoties niet eens meer te verbergen. De tranen staan bij velen in de ogen.
De grote finale
De finale bij Mount Doom is dan weer een masterclass in opbouw. Terwijl de Ring in het vuur bungelt, gaan de koren aan de bak. Het kinderkoor en het volwassen koor vullen elkaar aan in een huiveringwekkend crescendo dat de naderende ondergang van het kwaad bezingt. De strijd tussen Frodo en Gollum wordt muzikaal vertolkt met een agressie die we normaal alleen bij prog-rock of metal horen.
Maar de echte nekslag voor de traanbuizen komt vlak daarna. Het “For Frodo”-moment bij de Zwarte Poort wordt door Wicki met een heroïsche tederheid gedirigeerd die elke andere uitvoering doet verbleken.
Hartverscheurend afscheid
De film eindigt, zoals het hoort, met het hartverscheurende afscheid bij de Grey Havens. Terwijl Frodo aan boord van het schip stapt en de witte zeilen in de wind zwellen, begeleidt de muziek ons naar de uitgang van Midden-Aarde.
De overgang naar de credits, waar de stem van de soliste ons nog één keer meeneemt, is het definitieve bewijs: The Return of the King is niet alleen de beste film uit de trilogie, het is het hoogtepunt van wat cinema als kunstvorm kan bereiken.
Een minutenlange staande ovatie volgt. Mensen die elkaar niet kennen, vallen elkaar in de armen. Ludwig Wicki laat zijn musici een voor een opstaan, terwijl het applaus alleen maar in volume toeneemt. Een geweldig eerbetoon aan een kwarteeuw aan filmgeschiedenis, uitgevoerd met een passie die je zelden ziet.
Beste. Film. Ooit!
Na deze avond is er geen twijfel meer mogelijk. Je kunt de film honderd keer thuis kijken, je kunt naar Nieuw-Zeeland vliegen om de locaties te bezoeken, maar niets komt in de buurt van deze ervaring.
De rauwe emotie van Shore’s scores, live tot leven gewekt door een orkest in topvorm, is de enige manier waarop dit meesterwerk echt beleefd moet worden. De Ring is vernietigd, de koning is gekroond, en Rotterdam heeft de grootste filmervaring van het jaar achter de rug.
