Metallica lijkt hun liveshows de laatste jaren opvallend in te korten. Waar de thrashmetal-iconen vroeger steevast tussen de 18 en 20 nummers per avond speelden, klonk er deze week in Adelaide, Australië slechts vijftien songs door de speakers. Een verandering die steeds duidelijker wordt tijdens de M72 World Tour en die bij veel fans vragen oproept.
De show in Adelaide was de eerste in twaalf jaar voor het Zuid-Australische publiek, maar ondanks de lange afwezigheid kregen bezoekers een beduidend korter optreden voorgeschoteld dan men van Metallica gewend is. Vijftien nummers, inclusief klassiekers als Creeping Death, For Whom The Bell Tolls en Master of Puppets, klonken strak en energiek, maar het verschil met voorgaande tournees is onmiskenbaar.
In de jaren 2010 stonden Metallica-shows vaak bekend om hun marathonlengte. De band vulde toen moeiteloos setlists met negentien of twintig tracks, afgewisseld met publieksinteractie en uitgebreide solo’s. Tegenwoordig ligt de nadruk meer op langere tussenstukken, instrumentale intermezzo’s en praatmomenten van frontman James Hetfield. Het resultaat: dezelfde speeltijd, maar minder muziek.
Dat is een opmerkelijke verschuiving voor een band die altijd geroemd werd om hun uithoudingsvermogen en energie op het podium. Vooral fans van het eerste uur merken het verschil. Op sociale media klinken reacties van teleurstelling, maar ook begrip. Sommigen wijzen op de leeftijd van de bandleden – James Hetfield (62), Lars Ulrich (61), Kirk Hammett (62) en Robert Trujillo (60) – en de fysieke belasting van avond na avond twee uur thrash spelen.
Toch voelt het voor velen vreemd dat een Metallica-show tegenwoordig minder nummers bevat dan optredens van jongere bands die door Metallica zelf ooit werden geïnspireerd. Waar de energie nog altijd hoog ligt, lijkt de band meer te kiezen voor een gecontroleerde beleving dan voor de vroegere stormachtige intensiteit.
